De allosaurus (Ned. "andere reptiel") was een van de grootste carnivoren uit de jura. Rennend op twee gespierde poten zoals van een vogel, had de allosaurus het gemunt op de grote herbivoren uit die periode, zoals de grote sauropoden en de kleinere planteneters. Misschien jaagde hij wel in groep, waarbij de prooi mogelijk in een hinderlaag werd gelokt. Zijn voorpoten waren kort maar gespierd, en elk van de drie vingers liepen uit in een scherpe, 25 cm lange klauw om zijn prooi mee vast te houden. Zijn sterke kaken bevatten ruim zeventig scherpe tanden van 8 cm lang. Dankzij de beweegbare gewrichten en elastische ligamenten in de kaak en schedel van de allosaurus kond hij met zijn tanden een prooi aan stukken scheuren. De flexibele kaken konden heel ver worden geopend om grote happen vlees naar binnen te werken.
Dit zijn de dino's
Bio's & feiten dino's
Allosaurus
Uitspraak
Al-lo-SAU-rus
Grootte
12m

Ankylosaurus
Uitspraak
An-kie-loo-SAU-rus
Grootte
11m

De laatste en grootste van de tankvormige, gepantserde dinosauriërs, de ankylosaurus (Ned. "stijf reptiel"), was uitstekend beschermd tegen de grote vleeseters. Zijn flanken waren immers bedekt met grote beenderplaten en waarschijnlijk ook nog hoornachtige uitstulpingen. De schedel was dik en uit het achterhoofd staken twee paar scherpe hoorns. Delen van de staartwervels waren samengegroeid, als de handgreep van een knots, terwijl de de staart aan de basis heel flexibel bleef. Het uiteinde ervan was een grote, knokige knots die een verwoestend effect moet hebben gehad op zijn vijanden. Onderzoek van de hersenholte van de ankylosaurus heeft uitgewezen dat het grootste deel van zijn hersenen gebruikt werd voor zijn reukgevoel.
Brachiosaurus
Uitspraak
Brak-ie-joo-SAU-rus
Grootte
22m

De brachiosaurus is genoemd naar de brede botten in zijn voorpoten. Deze enorme sauropode is een van de grootste dinosauriërs waarvan we het hele skelet hebben kunnen reconstrueren. De brachiosaurus was meer dan 10 meter hoog, 22 meter lang en zo'n 80 ton zwaar. Hij leefde op het land, en leek wel wat op een giraffe, zoals hij in de boomtoppen naar eten snuffelde. Zijn puntige tanden werden gebruikt om bladeren van hoge takken af te trekken.
Liliensternus
Uitspraak
Lie-lie-jen-STER-nus
Grootte
5m

De liliensternus was een actieve jager, lenig en snel, die op twee sterke achterpoten rende, in evenwicht gehouden door een lange, gracieuze staart. Het was een lichtgebouwde carnivoor, de grootste vleeseter van zijn tijd. Details van zijn schedel suggereren dat de liliensternus verwant is aan de jurassische carnivoor dilophosaurus. Zijn kaken bevatten scherpe tanden, als messen. De schedel vertoont aanwijzingen van duidelijke vinvormige kammen langs de snuit. Het kan dat deze bedoeld waren voor soortherkenning, of als versiering om een partner aan te trekken. Zoals zoveel vroege theropoden heeft ook de liliensternus vijf vingers, waarvan de vierde en vijfde kleiner zijn dan de andere. Latere theropoden hebben maar drie vingers. We kennen de liliensternus van twee onvolledige exemplaren, gevonden in de Keuper Formatie in Saksen-Anhalt (Duitsland). Genoemd naar de Duitse paleontoloog Hugo Rühle von Lilienstern.
Ornithocheirus
Uitspraak
Or-nie-too-KEI-rus
Vleugelspanwijdte tot
12m

De ornithocheirus, een van de grootste vliegende wezens ooit, kennen we van uiteenlopende beenderfragmenten die op verschillende continenten zijn gevonden. Zoals zoveel grote pterosauriërs had de ornithocheirus een enorme kop in vergelijking met de rest van zijn lijf. De kaak bevatte een groot aantal lange, dunne en puntige tanden, heel handig om glibberige vissen en inktvissen mee te vangen. De kam van de ornithocheirus kan enig aërodynamisch voordeel hebben geboden bij het vliegen, of een aanwijzing zijn geweest van het geslacht of de soort. Enkele van de beste fossielen van pterosauriërs werden gevonden op het Araripe Plateau in het noordwesten van Brazilië.
Plateosaurus
Uitspraak
Pla-tee-joo-SAU-rus
Grootte
8-9m

De plateosaurus (Ned. "breed reptiel" of "plat reptiel") was de eerste en bekendste van de vroege reusachtige herbivoren. Waarschijnlijk leefde de plateosaurus in kudden, en kon hij zowel rechtop als op vier poten lopen. Steunend op zijn lange achterpoten kon hij zijn nek uitrekken om bij de hogere takken van coniferen en varens te komen. De plateosaurus had heel speciale handen met dunne vingers en een grote, klauwachtige duim. Met deze handen beschikte hij over een goed grijpvermogen en de klauw werd mogelijk gebruikt om wortels los te rukken of aan takken te trekken. Als de plateosaurus rechtop stond, kon hij zijn klauwachtige duimen bovendien gebruiken om zich te verdedigen tegen roofvijanden zoals de postosuchus. Deze dinosauriër uit het trias werd in 1837 voor het eerst beschreven door H. von Meyer. Wij kennen de plateosaurus van meer dan honderd gedeeltelijke of complete skeletten, waaronder tien schedels. De plateosaurus is het meest voorkomende en bekendste Europese triassische werveldier uit het late trias, en het grootste landdier uit die periode.
Stegosaurus
Uitspraak
Stee-goo-SAU-rus
Grootte
9m

De stegosaurus (Ned. "dakhagedis") is een van de best herkenbare dinosauriërs, dankzij de opvallende dubbele rij vliegervormige platen die verticaal op zijn kromme rug staan, evenals de twee paar lange punten die horizontaal uit het uiteinde van zijn staart steken. "De staart van de stegosaurus was zonder twijfel een van de gevaarlijkste wapens die ooit door een planteneter werden ontwikkeld" (Bakker). Zo'n wapen zal vast wel hard nodig zijn geweest als je weet dat de stegosaurus met grote vleesetende theropoden zoals de angstaanjagende albosaurus samenleefde. De functie van de platen is nog altijd onderwerp van veel discussie. Na aanvankelijk vooral te zijn beschouwd als een soort harnas, wordt nu ook door onderzoekers geopperd dat zij mogelijk dienden voor de regeling van de lichaamstemperatuur. Uit windtunneltests kan in elk geval worden opgemaakt dat de platen de juiste vorm hebben om hitte op te nemen en te verspreiden. De stegosaurus staat tevens bekend om zijn opmerkelijk kleine hersenen, die niet meer dan 80 gram wogen. Blijkbaar had hij niet meer nodig.
Torosaurus
Uitspraak
Too-roo-SAU-rus
Grootte
6-9m

Met zijn reusachtige hoorns en zijn krachtige, gespierde lijf leek de torosaurus (Ned. "doorboord reptiel") wel een dinosaurusversie van een neushoorn. Met zijn enorme nekschild had de torosaurus de grootste schedel van een landdier. In het beenderige nekschild zaten grote gaten die zijn gewicht wat beperkten. Mogelijk waren zij fel gekleurd, om indruk te maken. Los van het grotere schild leek de torosaurus veel op zijn kleinere familielid, de triceratops. Beide ceratopiden hadden twee lange hoorns boven de ogen en een kleinere hoorn op de snuit. De torosaurus gebruikte zijn scherpe bek en tanden om zich een weg door de beplanting te kauwen. Gefossiliseerde voetafdrukken, geïdentificeerd als sporen van ceratopiden, vormen een aanwijzing dat de voorpoten iets breder waren, en dat de achterpoten recht onder het lijf stonden, net als bij een neushoorn.
Tyrannosaurus
Uitspraak
Tie-ran-noo-SAU-rus rex
Grootte
12m

De tyrannosaurus (Ned. "tiranhagedis") was een van de grootste landcarnivoren aller tijden, en woog ruwweg zes ton. De reusachtige schedel van de Tyrannosaurus werd gecompenseerd door een lange, zware staart. De versterkte schedel van de t.rex suggereert dat hij een schrikbarend roofdier was met een botbrekende bijtkracht. De kaken waren gewapend met 150 mm lange, scherpe en gekartelde tanden. In vergelijking met de grote, sterke achterpoten waren de voorpoten van de tyrannosaurus vrij klein, met maar twee vingers. Aan recent gevonden exemplaren is te zien dat zijn kleine armen goed gespierd waren, waarschijnlijk om het dier in staat te stellen zichzelf stevig tegen de grond af te zetten terwijl het de achterpoten strekte om vanuit een buikligging overeind te komen. Dit was een van de laatst levende dinosauriërs vóór de gebeurtenis die in het krijt-tertiair tot uitsterving leidde. Meer dan 30 exemplaren van de t.rex zijn inmiddels geïdentificeerd, sommige bijna helemaal compleet, wat uitgebreid onderzoek heeft mogelijk gemaakt naar belangrijke aspecten van zijn biologie, inclusief zijn levensgeschiedenis en biomechanica.
Utahraptor
Uitspraak
Uu-taa-RAP-tor
Grootte
6m

De utahraptor (Ned. "Utah-rover") is het grootst bekende lid van de theropode dinosauriërfamilie dromaeosauridae. We kennen de utahraptor van een goed gepreserveerd skelet dat in 1991 in Utah(VS) werd gevonden, evenals van fragmentaire resten uit Zuid-Amerika. Hij was de grootste uit een groep lichtgebouwde carnivoren, de dromaeosauriërs ('rennende reptielen'). De utahraptor had grote ogen, lange handen met grote, scherpe klauwen die alles konden verscheuren. Zijn teengewrichten waren extra breed, zodat zijn enorme klauw naar boven en naar achteren kon worden gebogen, om beschadiging te voorkomen bij het rennen. Maar wanneer hij zijn klauw in een aanval gebruikte, bewoog hij deze bij het slaan automatisch naar voren. Een brede zwaai met deze 20 cm grote sikkelklauw zou hierdoor vreselijke verwondingen veroorzaken, zodat een utahraptor dieren kon verminken en doden die veel groter waren dan hijzelf. En dankzij de unieke polsgewrichten van de dromaeosauriërs konden de handen bovendien opzij draaien, ongeveer zoals het uitvouwen van een vogelvleugel.



